Portretrechten ontstaan wanneer de maker een afbeelding maakt van een persoon, de persoon op het portret heet de geportretteerde. Wanneer het portret in opdracht gemaakt is van de geportretteerde dan mag het portret niet openbaar gemaakt worden, tenzij daarvoor toestemming van de geportretteerde is verkregen. Dit recht duurt tot en met 10 jaar na de dood van de geportretteerde.
Wanneer het portret niet in opdracht is gemaakt, bijvoorbeeld omdat het om fotografie in de publieke ruimte gaat, dan kan de geportretteerde bezwaar maken tegen die publicatie. Deze beroept zich dan op een redelijk belang om niet getoond te worden. Bijvoorbeeld omdat de geportretteerde iemand in een situatie weergeeft die niet goed is voor haar/zijn reputatie, maar ook privacy kan opgevoerd worden als een redelijk belang. Je hebt dan van de geportretteerde in eerste instantie geen toestemming nodig voor eerste publicatie of verveelvoudiging.
Privacywetgeving heeft de laatste jaren steeds meer aandacht gekregen in de samenleving en heeft een ander regime dan het portretrecht. Hou daarom ook altijd rekening met de AVG wanneer herkenbare personen afgebeeld worden. De twee stukken wetgeving zijn tegelijkertijd van toepassing.