Het convenant Audiovisuele werken is opgesteld tussen Stichting Onafhankelijke Producenten Nederland (StOPnl), Stichting Nederlandse Publieke Omroep (NPO) en een aantal erfgoedinstellingen, waaronder Eye Filmmuseum en het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid.
Het convenant gaat over audiovisuele werken die niet langer in de handel zijn. Hierbij is de CBO StOPnl erkend als de representatieve collectieve beheersorganisatie (CBO) voor producenten van cinematografische werken en omroepmateriaal met buitenproducenten. Door de regeling mogen zij ook een licentie afsluiten voor producenten die geen lid zijn van de stichting.
StOPnl verleent een niet-exclusieve niet-commerciële licentie voor onbepaalde tijd om OOC-werken op erfgoedwebsites in Nederland beschikbaar te stellen. Om gebruik te kunnen maken van de licentie moet je het convenant ondertekenen.
Let op, de licentie geldt niet voor muziekwerken en andere al bestaande auteursrechtelijk beschermde werken die in de audiovisuele werken zijn opgenomen, waarvan de producer geen toestemming heeft verkregen bij het maken van het werk.
Om te bepalen of een werk OOC is heeft het convenant regels voor twee verschillende soorten werken:
Omroepmateriaal – Omroepmateriaal met een publicatiedatum ouder dan 25 jaar wordt beschouwd als OOC.
Cinematografische werken – Cinematografisch materiaal met een publicatiedatum ouder dan 50 jaar wordt beschouwd als OOC. Voor cinematografische werken met een publicatiedatum tussen de 25 en 50 jaar geleden is een aanvullende zoektocht nodig om de OOC-status te bepalen.
Het kan uiteraard voorkomen dat een werk binnen deze periode nog duidelijk commercieel verhandeld wordt. Denk bijvoorbeeld aan culturele klassiekers als Paul Verhoeven’s ‘Turks Fruit’. Dan zijn deze werken uiteraard niet OOC. Het convenant laat het aan de expertise van de AV-conservator over om de juiste gangbare handelskanalen te identificeren. Denk hierbij bijvoorbeeld aan Bol.com, Videoland, etc.
Erfgoedinstellingen moeten bij publicatie van een werk wijzen op de status van het werk als OOC en een link opnemen naar informatie over het convenant. Uiteraard onder vermelding van makers, producenten en omroepen. Ook moeten ze hedendaagse technische bescherming op hun videospelers hebben. Tenslotte mogen ze alleen het gehele werk online plaatsen, uiteraard tenzij ze gebruikmaken van het citaatrecht.
Ook moet de uitgever van het materiaal, de producent en/of de omroep die het materiaal uitgeeft op de hoogte gesteld worden van de OOC-status. Hier staat tegenover dat er geen vergoeding verschuldigd is voor het gebruik van de werken onder de licentie.
Het convenant moet gezien worden als een gereedschap bij het beschikbaar stellen van audiovisuele werken, gebruik deze voor werken waarvan je de rechthebbende niet makkelijk kan achterhalen of deze niet bekend is.