over een discipline die verloren is gegaan?

  • 3 feb
  • Jack Karelse
  • 3
  • 309
Jack Karelse
Waardering en selectie
  • Rosanne ten Caat
  • Rijnder Wever
  • joe jansen
  • Nicole Fielmieg

in dit artikel veel goede inzichten over de kunst van het niet bewaren. Of het van buiten ons vakgebied is ben ik niet zeker van. Ik denk van niet en ik denk dat we hier goed kennis van moeten nemen en gebruik van moeten maken.

Heel benieuwd naar andere reacties!

We bouwen datacenters voor een data-explosie die niet bestaat

https://ibestuur.nl/overheid-in-transitie/infor...

Nederland debatteert over datacenters alsof we een kennisexplosie meemaken. Maar de cijfers verte...

Reacties

3 reacties, meest recent: 13 februari

Wat een interessant stuk! Ik herken veel in het beschreven gedachtengoed. Het m.i. een logisch en sterk stuk waarvan ik een deel van de gedachten ook heb toegepast.

Ik vind vooral de volgende gedachten erg sterk:

‘Het medium is veranderd, het principe niet’

‘doordat wat we opslaan niet meer fysiek zichtbaar is, vergeten we gemakshalve dat het wel degelijk ruimte kost.’’

Het volgende ook sterke eyeopeners:

Gemiddeld is 54 procent van alle enterprise-opslag zogenaamde dark data: bestanden die ooit zijn aangemaakt, maar nooit meer worden geopend of geanalyseerd. Daarbovenop is 32 procent ROT-data: redundant, obsolete of trivial. Slechts 14 procent van alle bedrijfsdata is daadwerkelijk businesscritical. Organisaties slaan dus voor 86 procent rommel op. En die rommel wordt vervolgens vermenigvuldigd.’

‘Azure slaat standaard drie tot zes kopieën op van elk bestand, verspreid over datacenters voor betrouwbaarheid. Dat is op zich verstandig voor kritieke data. Maar het probleem is dat die redundantie wordt toegepast op alles, zonder onderscheid. De 14 procent waardevolle data krijgt drie tot zes kopieën. Prima. Maar de 86 procent rommel krijgt dezelfde behandeling. De cloudarchitectuur past het principe van de archivaris precies omgekeerd toe: eerst kopiëren we alle informatie en misschien selecteren we die later ooit.’

Het stuk onder De les van de bibliothecaris’ met als highlight: ‘Opslag is niet goedkoop. Het kost energie, ruimte, grondstoffen en maatschappelijk draagvlakis, voor mij, volledig herkenbaar.

Ik denk dat dit stuk mooi naar boven brengt wat één van de toegevoegde waarde is van goed informatie- en archiefbeheer. Het is een sterke boodschap naar bestuurders om onze relevantie voor hen en daarmee de inwoners te duiden.

De kern voor mij in dit stuk is iets waar ik volledig in geloof, handelen vanuit de bedoeling.

Het gevoel besluipt mij vaker, en dit stuk verstevigd dit gevoel, dat we meer centraal moeten stellen waarom we de dingen (willen) doen?

In de praktijk merk ik dat, met de (echte) bedoeling centraal zetten, ik makkelijker tot een passend resultaat kom, die ook door mijn niet-vakcollega’s begrijpelijk en acceptabel gevonden wordt.

Ik ben ook erg benieuwd naar de bevindingen van anderen hierover.

Ik hoor ook erg graag die van jou, @jackkarelse.

Nicole Fielmieg

@nicolefielmieg en anderen :-)
Ik vind dat spijkers op de kop worden geslagen, net als jij. Veel is herkenbaar, weten we, doen we. Op LinkedIn plaatste ik
"Spijkers op de kop! Meer dan alleen deze: "Informatieprofessionals in bibliotheken, archieven en documentatiecentra weten dit al lang. Hun vak draait niet om het bewaren van alles, maar om het evalueren van alles en het vindbaar maken van wat waardevol is. De fysieke grenzen van hun magazijnen dwongen hen tot selectie. Die discipline is in de digitale wereld verloren gegaan, juist omdat opslag zo goedkoop leek."

Of de discipline verloren is gegaan ben ik minder zeker van. Het is meer dat de discipline niet wordt opgebracht. Informatieprofessionals alleen kunnen dat niet (meer) bolwerken en vinden hiervoor lang niet altijd een luisterend oor. Opruimen wordt niet op waarde geschat. En ja: fysieke afvalbergen zijn zichtbaar. Digitale afvalbergen zijn dat te weinig.
Opwindend is het om te hopen op en te praten over AI die dit op gaat lossen. Veel minder gewenst lijkt het om het te hebben over het gebrek aan discipline om informatie vindbaar te houden en op te ruimen. Dat horen we liever niet."

Aanvullend over discipline en ambtelijke professionaliteit: we bedenken de capstone-methodiek voor e-mail. Daarmee accepteren we het gebrek aan discipline en professionaliteit. We pamperen bestuurders en sleutelfunctionarissen, enz.. Want we kunnen toch niet van hen verwachten dat ze goed omgaan met hun berichtenverkeer? Dat is een veelgehoorde uitspraak, ook van managers. En wij doen daar aan mee, we vinden dat ook. We moeten vooral ontzorgen!
Met het ontzorgen werken we zelf mee aan luiheid, gebrek aan discipline, toch?
Daarbij komt: als directie en bestuurders geen discipline op hoeven te brengen op dit punt, waarom ik als medewerker dan wel?

Gelukkig is er dan de Od met een artikel over de aanpak van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. Zij hebben uitgangspunten en vuistregels opgesteld, samen met de hele organisatie. Zij zetten gedrag centraal en hebben het daar over, met z'n allen. Dat vind ik hoopgevend!


Jack Karelse