Maker

  • 17 sep
  • Maarten Zeinstra
  • 10
Profielfoto van Maarten Zeinstra
Auteursrecht en aanverwante rechten

De maker is degene aan wie het auteursrecht op een werk oorspronkelijk toekomt. In beginsel is de menselijke schepper de maker is, maar de Auteurswet kent wettelijke uitzonderingen waarbij een organisatie of werkgever als maker geldt, of waarbij het recht vervalt.

1. De hoofdregel (Natuurlijk persoon) De fysieke persoon die de creatieve arbeid heeft verricht en het werk heeft gecreëerd, is in de basis de auteursrechthebbende.

2. Werkgeversauteursrecht (Artikel 7 Auteurswet) Als een werknemer in het kader van een dienstverband een werk maakt, wordt de werkgever wettelijk als de maker aangemerkt, tenzij er schriftelijk iets anders is overeengekomen.

  • Relevant voor archieven: Dit geldt uitsluitend voor werknemers in loondienst. Bij ingehuurde krachten (zoals zzp'ers, freelancers of externe adviseurs en vrijwilligers) blijft het auteursrecht bij de opdrachtnemer liggen, tenzij de rechten expliciet per akte zijn overgedragen.

3. Fictief makerschap door instellingen (Artikel 8 Auteurswet) Wanneer een openbare instelling, stichting, vereniging of bedrijf een werk onder haar eigen naam openbaar maakt — zonder daarbij de naam van de feitelijke maker te vermelden — wordt de organisatie juridisch als maker beschouwd (behoudens tegenbewijs).

  • Relevant voor archieven: Denk aan overheidsbrochures, anonieme ambtelijke nota's of zakelijke rapporten waarin geen individuele auteur vermeld staat.

4. Uitzondering overheidsstukken (Artikel 11 Auteurswet) Er rust geen auteursrecht op wetten, besluiten, verordeningen, rechterlijke uitspraken en administratieve beslissingen uitgevaardigd door de openbare macht.